WEEK 2 – IK zal er voor jou zijn

 

DAG 9 – vrijdag 26 februari 2021

 

 

Licht in het donker

Steek een kaars aan als teken van Gods aanwezigheid

 

Muziek

Ga maar gerust, want ik zal met je meegaan.

Ik ben je baken, ook in diepe nacht.

Ik ben de stem die steeds in jou zal opstaan.

Ik ben de hand die op je vriendschap wacht.

Ik ben het licht dat voor je voeten uitgaat.

Ik ben de wind waardoor je ademhaalt.

 

 

Klik HIER om de gesproken versie van dit bezinningsmoment te starten.

 

Openingswoorden

Gezegend zijt Gij, God,

koning der wereld,

die de morgen ontbood

en het licht hebt geroepen,

zegen ook mij

met uw licht!

 

Schriftlezing: Exodus 3: 13-14

Maar Mozes zei: ‘Stel dat ik naar de Israëlieten ga en tegen hen zeg dat de God van hun voorouders mij gestuurd heeft, en ze vragen: “Wat is de naam van die God?” Wat moet ik dan zeggen?’ Toen antwoordde God hem: ‘Ik ben die er zijn zal. Zeg daarom tegen de Israëlieten: “IK ZAL ER ZIJN heeft mij naar u toe gestuurd.”’ 

 

Stilte

Wees stil in Gods aanwezigheid om de tekst tot je te laten spreken.

 

Wie behoefte heeft aan een langere stilte, kan de ingesproken versie even pauzeren.

 

Gedachten bij de schriftlezing

Gisteren ging het over de identiteit van Mozes. We hoorden hoe zijn identiteit werd bepaald door de belofte van Gods aanwezigheid. Mozes is wie hij is en hij zal kunnen doen wat hem te doen staat, dóórdat God hem nabij zal zijn.

Vandaag wordt de vraag gesteld naar de identiteit van God zelf. Dat is een spannende vraag. Het is een vraag waar mensen door de eeuwen heen over zijn blijven nadenken. Blijkbaar is er niet zomaar één antwoord te geven dat iedereen eens en voorgoed tevreden stelt. Ook het antwoord dat God hier zelf geeft, heeft geen einde gemaakt aan alle vragen.

‘Ik ben die er zijn zal,’ zegt God. ‘Zeg daarom tegen de Israëlieten: “IK ZAL ER ZIJN heeft mij naar u toe gestuurd.”’

Ook Gods eigen identiteit klinkt als een belofte; iets waarop je mag vertrouwen, maar wat je niet kunt grijpen, omdat het altijd net voor je uitgaat. Het heeft iets met de toekomst te maken en toch is het ook al relevant voor nu, voor dit moment. Maar steeds wanneer je denkt er iets van te begrijpen, dan ontglipt het je weer. Zo merk ik nu ook hoe ik worstel om iets van samenhang te vinden in mijn gedachten bij deze tekst.

Het lijkt wel alsof in de manier waarop God zich hier bekendmaakt, iets doorklinkt van de sprong die geloven uiteindelijk is. Een sprong in het diepe. Wij worden uitgenodigd ons toe te vertrouwen aan Iemand die wij niet kunnen zien, Iemand die wij slechts ten dele kunnen kennen,  maar wel Iemand die als een betrouwbare belofte in ons leven aanwezig wil zijn. Het is de vraag of wij het met die Belofte durven te wagen.

 

Gebed

God, schenk ons het geloof

van hen die op uw Woord

hebben vertrouwd.

Doe ons en alle mensen

het land bereiken,

waar wij het leven delen met elkaar

en door lijden en verdrukking heen

groeien tot gestalte van Hem

die ons hoop geeft: Jezus, onze broeder,

in deze veertig dagen en heel ons leven.

Amen.

                              (gebed uit het Dienstboek)

 

Om te doen

Ga eens bij jezelf na hoe makkelijk of moeilijk je het vindt om iemand anders te vertrouwen. Hoe zou dat komen? En wat heb jij nodig om je vertrouwen te kunnen stellen in een ander?

 

Woorden om de dag mee in te gaan

Ga met God en Hij zal met je zijn,

jou nabij op al je wegen

met zijn raad en troost en zegen.

Ga met God en Hij zal met je zijn.

                                                                          (lied 416:1)