WEEK 5 – ik wil dat JIJ er voor mij bent

 

DAG 25 – woensdag 17 maart 2021

 

 

Licht in het donker

Steek een kaars aan als teken van Gods aanwezigheid

 

Muziek

Just as I am, without one plea
But that Thy blood was shed for me
And that Thou bid'st me come to Thee
O Lamb of God, I come!

 

Zoals ik ben kom ik nabij,

met niets in handen dan dat Gij

mij riep en zelf U gaf voor mij

o Lam van God, ik kom.

 

(Uitgevoerd door: Choir of King’s College, Cambridge (lied 377))

 

 

Klik HIER om de gesproken versie van dit bezinningsmoment te starten.

 

Openingswoorden

Gezegend zijt Gij, God,

koning der wereld,

die de morgen ontbood

en het licht hebt geroepen,

zegen ook mij

met uw licht!

 

Schriftlezing: Lucas 8: 47-48

Toen het de vrouw duidelijk werd dat haar aanraking niet onopgemerkt was gebleven, kwam ze trillend naar voren, viel voor hem neer en legde ten overstaan van de hele menigte uit waarom ze hem had aangeraakt en hoe ze meteen was genezen. Hij zei tegen haar: ‘Uw geloof heeft u gered; ga in vrede.’

 

Stilte

Wees stil in Gods aanwezigheid om de tekst tot je te laten spreken.

 

Wie behoefte heeft aan een langere stilte, kan de ingesproken versie even pauzeren.

 

Gedachten bij de schriftlezing

De lezing van vandaag roept een herinnering bij me op uit de beginfase van de coronapandemie. Ik denk dat het tijdens de eerste golf was, toen nog relatief weinig mensen direct met het virus in aanraking waren gekomen. Er werd iemand geïnterviewd die inmiddels van corona genezen was en dus niet meer besmettelijk, maar die nog steeds merkte hoe mensen met een grote boog om hem heen liepen. Er leek iets aan hem te kleven wat bij anderen angst opriep.

Het raakte me toen hoe je je dan buitengesloten kunt voelen als mens en hoeveel impact het heeft als je merkt dat anderen bang voor je zijn. Inmiddels lopen we al lange tijd allemaal met een boog om elkaar heen, omdat iedereen een bron van besmetting kan zijn. Dat heeft een grote invloed op ons samenleven en soms vraag ik me af hoe dit zich verder zal ontwikkelen. Maar misschien helpt het ons nu wel om ons wat beter te kunnen inleven in de vrouw uit ons verhaal.

Door haar bloedverlies werd ze als onrein gezien. Ze zal afstand moeten hebben houden van anderen, en dat al twaalf jaar lang. Maar nu wordt ze ineens opgemerkt en worden alle schijnwerpers op haar gericht, terwijl ze midden tussen al die mensen staat. Je kunt je voorstellen dat ze zich betrapt heeft gevoeld, dat ze de neiging heeft om zich te gaan verdedigen en haar beweegredenen uit te leggen. Het bloedverlies is weliswaar gestopt, maar haar ziekte kleeft nog aan haar. Ze is van het ene op het andere moment genezen, maar de weg om haar plaats in de gemeenschap weer in te nemen, zal langer duren. Je kunt alleen maar hopen dat haar geloof ook bij de mensen om haar heen iets in beweging zal brengen.

 

Gebed

Gij, die onze harten ziet en kent,

wij danken U voor het levenslicht

dat Gij voor ons doet opgaan

in Jezus, uw Zoon.

Geef dat wij ook zelf

kinderen van het licht mogen zijn,

die vrede stichten

in gerechtigheid en waarheid,

bekommerd om andermans geluk,

in deze veertig dagen en heel ons leven.

Amen.

                              (gebed uit het Dienstboek)

 

Om te doen

Als je vandaag naar het stembureau gaat, of op andere plaatsen mensen ontmoet, groet dan eens bewust iedereen die je tegenkomt en zie elkaar echt.

 

Woorden om de dag mee in te gaan

Ga weer op weg, je hart vol licht,

geboren uit het Vergezicht

dat openbloeit op elk moment

waarop je echt je Zelf herkent.

 

Bewaar de stilte die geneest

en adem vrede door Gods Geest,

heb mededogen met wat leeft

en ga een weg die toegang geeft.

 

God geve jou een overvloed

aan liefde, wijsheid, vrede, moed;

doordat Hij – wat jou ook bezwaart –

de Vlam diep in jouw hart bewaart.

 

(W. Edwin van Kol – Nikola-kommuniteit, Utrecht)